Ervaring werk en kanker

>>

Werk en kanker,
mijn verhaal
9 oktober 2012

Op 31 augustus 2011 was de diagnose definitief: ik had borstkanker. Wat nu? Medisch gezien was het volstrekt helder wat er moest gebeuren. Ik was duidelijk geen uniek geval. 

Het protocol werd gevolgd. De nurse practionair vertelde meelevend en zakelijk tegelijk wat ik moest weten, niet meer en niet minder. De operatie was al gepland en daarna kon de verdere behandeling bepaald worden. Ik was in goede handen.

Voor mij was de schok echter groot, veel groter dan ik toen kon bevatten. Een jaar geleden had ik net ontslag genomen bij het ROC, waar ik ruim 10 jaar als onderwijskundige had gewerkt. Ik wilde ruimte nemen om uit te zoeken wat ik verder wilde in mijn werkend bestaan. Ik voelde me goed, ik had vertrouwen en was vol enthousiasme om nieuwe stappen te zetten. Mijn oude werkgever vond het jammer dat ik vertrok en vroeg of ik niet in te huren was. Dat leek mij een goed idee en dus besloot ik een eigen bedrijfje te starten en voorlopig als ZZP-er wat rond te kijken en tegelijkertijd nog een leuke boterham te verdienen ook. Het liep meteen goed, ik was druk, geen tijd om ruimte te nemen.

En dan nu borstkanker. Ik wist nog niet hoe erg het was, misschien viel het mee en kon ik door blijven werken? Ik stelde mijn belangrijkste opdrachtgevers op de hoogte, dat ik in ieder geval 2 tot 3 weken uit de running zou zijn. Gelukkig had ik een arbeidsongeschiktheidsverzekering afgesloten. Die ging weliswaar pas over 3 maanden uitkeren, maar het was een geruststellende gedachte voor het geval het echt ernstig werd.

Borstkanker, hoe kwam ik er aan? Ik eet al jaren biologisch, ik sport, ben niet gestrest, heb lang borstvoeding gegeven, geen overgewicht. Alle factoren die eventueel kunnen bijdragen aan het ontstaan van borstkanker, zijn niet op mij van toepassing. Dat is toch balen! Zou ik dan toch te hard gewerkt hebben, te veel achter de computer hebben gezeten, de verkeerde deodorant gebruikt hebben, te weinig mediteren, ergens voor weg lopen, te weinig grenzen stellen? Doe ik iets verkeerd? Is het gewoon domme pech?

Diep in mijn hart voelde ik vertrouwen: het komt goed. De borstkanker komt op mijn pad en zal mij ook iets brengen. 
Eerst de operatie en daarna bijkomen. De warme belangstelling van iedereen in de vorm van kaartjes, bloemen, bezoek en telefoontjes deed mij goed. Het was eigenlijk heerlijk om zo verwend te worden en lekker even niets te hoeven. 
Een week later volgde de uitslag en grote vreugde, het viel mee: de kanker was helemaal weg en er waren geen uitzaaiingen. Ik moest alleen nog 4 weken bestraald worden. 
Dus dóórwerken dan maar, dat kan best tijdens de bestraling. Er zijn meer mensen die dat doen. Ik voelde me wel goed, niet ziek eigenlijk. Alleen mijn hoofd stond helemaal niet naar werk. Het werk interesseerde me ineens helemaal niet meer. Ik wilde rust, alle tijd voor mezelf om te ontspannen, om na te denken. Hoe zou dat zijn? Wat zou ik dan gaan doen? 
Kon dat eigenlijk zo maar? Had ik geen verplichtingen aan mijn opdrachtgevers? Zou ik daarna nog wel aan het werk komen? Uit het oog, uit het hart, dat geldt zeker voor het werk. Zou ik daarna nog wel in een arbeidsritme kunnen komen? Zou ik ooit weer zin krijgen in werken? Werk stond ineens zover van me af. Het leek opeens zo zinloos.
Allemaal vragen die door mijn hoofd speelden. Maar uiteindelijk nam ik een besluit: tot 1 januari stop ik met werken. Ik stelde mijn opdrachtgevers op de hoogte en gelukkig was er alle begrip voor. Ik was opgelucht, er viel een last van me af.

Ik genoot van mijn vrije tijd. Iedere dag maakte ik lange wandelingen met de hond. Het was nog lekker weer ook. Ik genoot van de natuur, de vogeltjes, de prachtige bomen. Ik deed yoga en mediteerde. Ik las, keek films, verwende mezelf met een bonbonnetje, had extra tijd voor mijn zoon, dronk koffie met vriendinnen in de stad en verveelde me geen seconde. Al snel zag ik niet meer hoe hier nog 40 uur werken bij paste.
Ik voelde me goed, ontspannen. Tijdens de bestralingsweken ging ik iedere morgen op de fiets naar het ziekenhuis. De behandeling was natuurlijk vervelend, een noodzakelijk kwaad, dat ik zonder er veel over na te denken maar gewoon onderging. Na de bestraling begon mijn dag.

De tijd gleed voorbij, de feestdagen kwamen er aan en opeens was het januari. Ik moest dus weer aan het werk. Zo had ik dat met mezelf afgesproken. Toen begon de worsteling pas echt. Ik moest weer wat. Opeens voelde ik me heel erg moe. Ik kreeg het letterlijk benauwd. Het kwam niet in me op, dat het misschien nog te vroeg was om weer te gaan werken. Natuurlijk kon ik werken. Ik had er alleen helemaal geen zin in, geen puf voor, het ging echt niet. Zo kende ik mezelf niet.

Nieuwe vragen drongen zich op. Wilde ik dit werk nog wel? Is de borstkanker een signaal van het lichaam om eens heel ander werk te gaan doen? Wat dan?
Ik had geen idee. Duidelijk was wel, dat ik rust wilde. Ik wilde zeker niet meer zo hard werken als ik deed. Ik wilde in ieder geval veel meer tijd voor mezelf, tijd voor yoga en meditatie. Het leven is kwetsbaar. Misschien heb ik niet eens meer zo lang te leven. Ik wilde de tijd die mij nog gegeven is, goed besteden: genieten, er gewoon maar zijn voor mezelf, voor de mensen die dichtbij mij staan. Of ik wilde iets heel goeds doen, iets bijzonders, groots en meeslepend. En wel nu, niet over 10 jaar, want je weet maar nooit. Het leven vooral niet door mijn vingers laten glippen.
De borstkanker is een kans om het leven nog eens een laatste nieuwe draai te geven. De borstkanker moest toch betekenis hebben?

Mijn oude opdrachtgever, het ROC, hielp een handje mee, want er was geen werk voor mij. Dat was enerzijds een enorme teleurstelling, anderzijds kwam het me eigenlijk heel goed uit. Ik nam de tijd om alles op een rijtje te zetten en verschillende mogelijkheden te onderzoeken. Ik heb een levenslijn gemaakt en mijn loopbaan met de verschillende keuzemomenten in kaart gebracht. Ik hield een moodboard bij waarop ik alles plakte en schreef wat ik tegen kwam en mij aansprak. Waar krijg ik energie van? Wat vind ik nou echt leuk? Wat is voor mij belangrijk? Wat wil ík nou?

Ik wilde meer ‘met mensen’, niet meer stukken schrijven, waarmee toch niets gedaan wordt. Ik wil me verbinden, vanuit mijn hart leven. Misschien is het nu tijd om een andere kant van mezelf te ontwikkelen? Is docent iets voor mij of leidinggevende of iets in de zorg? Of zou ik dan toch schrijver worden en een heel goed boek schrijven? Of yogalerares? Of coach voor kinderen met leerstoornissen? Of stervensbegeleider? Of ontwikkelingswerker? Of is het toch beter om maar gewoon te blijven doen wat ik deed en mijn sterke kanten inzetten?

Oude patronen doken weer op. Kan ik dat wel? Ben ik goed genoeg? Mag ik mijn voorwaarden stellen? En praktische belemmeringen: hoe moet dat financieel? Kunnen we dan wel in ons huis blijven wonen?

De tijd verstreek, het werd april 2012. Ik werd steeds onrustiger. Ik wilde nu wel weer eens gewoon aan het werk. Er was echter nog steeds geen werk. Wat te doen? Straks vind ik helemaal geen werk meer? Ik moest eigenlijk solliciteren of concrete stappen zetten om iets nieuws te vinden, maar ik deed niets. Solliciteren vanuit ziekte vond ik moeilijk. Niets voelde eigenlijk echt goed. Ik voelde me erg onzeker. En ik was boos. Ik heb alles op een rijtje gezet: mijn kwaliteiten, mijn drijfveren, wat voor mij belangrijk is in het werk, in het leven… en wat komt eruit? Niets! Helemaal niets! Ik weet het gewoon niet. Die borstkanker levert niets op. Het is gewoon domme pech en voor mij een lelijke streep door de rekening. Ik was toch goed bezig? Ik was toch bezig om mijn werk op mijn manier vorm te geven? Ik had toch ontslag genomen? Of niet soms?

Eind mei kwam het ROC met een nieuwe, grote opdracht. Opeens was ik weer in de running. Afspraken, vergaderingen, stukken schrijven. Dezelfde mensen, hetzelfde werk, dezelfde genoegens en dezelfde problemen. Terug waar ik gebleven was; ik ga weer verder en ik ben blij. Het was wel snel opschakelen. Bijna van het ene op het andere moment was het afgelopen met de rust. Aan mijn lichaam voelde ik dat het soms te veel was. Ik voelde spanning in mijn schouder, had af en toe hoofdpijn en soms was ik erg moe. Hoe doe ik dat nou met die balans tussen werk en privé? Ik wilde toch tijd voor mezelf, leven vanuit mijn hart, genieten? Moet je me nu eens zien? Ik ben precies hetzelfde bezig als vóór mijn ziekte en ik zie niet hoe het anders kan.

Nu, oktober 2012, ruim een jaar na de diagnose borstkanker, ben ik weer gewoon aan het werk. De borstkanker raakt op de achtergrond. Ik heb een opdracht die groter is, dan ik ooit heb gehad. Ik voel de verantwoordelijkheid soms zwaar op mijn schouders drukken, maar ik vind het ook een boeiende uitdaging. Ik ben druk, soms gestrest, soms rustig, soms neem ik de tijd, soms is er toch weer geen tijd, soms heb ik plezier in het werk en soms baal ik ervan. 
Borstkanker, ik wil er graag betekenis aan geven, in de zin dat mijn leven door de kanker een nieuwe, leuke wending heeft genomen. Dat is niet het geval. Mijn leven is eigenlijk niet veranderd. Ik doe dezelfde dingen, woon in hetzelfde huis met, gelukkig, dezelfde mensen en ik ben met dezelfde vragen bezig. 
De borstkanker was wel een hele ervaring. Even was er helemaal niets te doen, alleen maar leven. Meer dan ooit heb ik mijn kwetsbaarheid gevoeld, maar ook mijn levenslust, mijn vertrouwen en mijn overgave. De borstkanker heeft mij de kans gegeven om eens uitgebreid stil te staan bij het leven. Ik ga gewoon verder op mijn pad, maar ik heb wel een flinke stap gemaakt. Ik maak mijn keuzes bewuster en meer vanuit mijzelf. Ik weet beter wat ik wil binnen het werk dat ik doe. Ik stel geen doelen, maar sta open voor de kansen die voorbij komen. Ik ben dankbaar dat ik leef en ik wil genieten van het leven, samen met de mensen om mij heen. Hoe ik dat het beste kan doen, blijft mijn zoektocht. En ik zoek met steeds meer plezier, met steeds meer vertrouwen en nog steeds met vallen en opstaan.

Lieve Maan,
Het was fijn om dit proces met jou te mogen delen. Je hebt me geholpen om keuzes te maken in dit proces, bijvoorbeeld met de keuze om even helemaal te stoppen met werken en later met het zetten van stappen om weer aan het werk te komen. Je hebt me ruimte gegeven om alles open te gooien en nieuwe mogelijkheden te onderzoeken. Je hebt me geholpen om te laten zijn wat er was: mijn moeheid, mijn onrust, mijn boosheid, mijn onzekerheid. Je hebt me er steeds weer op gewezen om vanuit mijzelf keuzes te maken en te vertrouwen op mijn innerlijk weten. En tot slot heb je me geholpen om te vertrouwen op wat er komen gaat. Het universum zorgt voor ons. Die zal ik zeker niet vergeten. 
Maan, bedankt voor alles en jou wens ik natuurlijk ook de goede zorgen van het universum,

Judith Raaphorst